Als bibliotheek hebben we een beperkt budget voor het aanschaffen van literatuur. Lees hier de overpeinzingen bij het kopen en onderhandelen van wetenschappelijke informatie.

Tekst: Just de Leeuwe (Product manager licenses/Open Access TU Delft Library)

Aan het einde van het jaar regent het traditioneel  informatie vanuit de uitgevers.  Introduction rates, discounts, gedigitaliseerde archieven,  special offers;  in alle mogelijke combinaties komen de niet te missen aanbiedingen voorbij.  De plaatselijke supermarkt is er niets bij. Alle wetenschap moet van de plank zo lijkt het!

Hoe anders is de taaie werkelijkheid die bestaat bij het  structureel  financieren van onze fraaie . De normale marktwerking tussen een leverancier en een klant lijkt niet of nauwelijks te bestaan in de wereld van wetenschappelijke abonnementen.

Waar Nederland de afgelopen jaren een inflatie index had van maximaal 3% sturen veel uitgevers ons doodleuk prijsverhogingen die oplopen tot 30%. De prijsstijgingen zijn altijd verklaarbaar want er worden meer artikelen geplaatst, de volumes nemen toe, er zijn interne financieringsproblemen, de euro is gedevalueerd, de aandeelhouders moeten tevreden worden en nog een aantal varianten.. Of die klant om deze veranderingen gevraagd heeft en of het logisch is dat de klant de rekening hiervoor automatisch moet betalen is kennelijk van geen belang. Het sturen van een factuur is vaak de enige vorm van communicatie tussen uitgever (of een intermediar)  en TU Delft Library.

Wetenschap verkopen is big business.  Grote spelers als Mac Millan (Nature Publishing), Elsevier Reed (Elsevier Science), John Wiley, Thomson Reuters (Web of Science) zijn beursgenoteerde bedrijven. De hoogste winstmarges in deze concerns worden gemaakt is het vermarkten van wetenschap. Hier is niets mis mee maar de relatie van wetenschappelijke instellingen is precair. Vanuit deze instellingen worden de artikelen aangeboden die al die duizenden journals vullen.  Als nu de tijdschriften onbetaalbaar worden doet zich de bizarre situatie voor dat de publicaties van de wetenschappers van een eigen instelling niet meer zichtbaar zijn.

Wat de inkoop compliceert is het feit dat wetenschappelijke uitgevers de facto monopolist en semimonopolist  zijn en hierdoor zit  je als klant en inkopende partij in een zeer lastig parket. Het is bijna niet mogelijk om te kiezen voor een alternatief, hiervoor zijn de tijdschriften te gespecialiseerd en bovendien zitten titels  heel vaak in grote pakketten opgeborgen waardoor het zicht op een nominale prijs steeds lastiger wordt. Vanwege hun “natuurlijke” monopolie worden uitgevers ook uitgesloten  van de Europese aanbestedingsregels.

TU Delft Library wil alleen content afnemen van uitgevers tegen betaalbare prijzen die gebaseerd zijn op  een evenwichtige financiering van onze collectie en met uitzicht op een een lange termijn verbintenis. Dit betekend keer op keer de uitgevers duidelijk maken waar onze financiële grenzen liggen en of de eindejaar discounts ook structureel ingezet kunnen worden in de vorm van gematigde prijsstijgingen.  Een assertieve houding die zich vaak genoeg uitbetaald en de indruk wekt dat er nog heel wat te aanvaardbare deals afgesloten kunnen worden. Maar je moet er duidelijk heel wat voor doen!