3D-printen: mijn eerste poging

Door Aad van de Wijngaart

“Ik geloof niet dat ik zo’n ding in mijn slaapkamer wil hebben”, verklaart een bezoekster van de demo 3D-printing in de Library. Tja, de aantrekkingskracht van een printer heeft zijn grenzen. Maar de meeste bezoekers zijn toch meer dan geïnteresseerd in de batterij apparaten van de firma Leapfrog die in de loungehoek van de centrale hal staan opgesteld.

Mischa Moritz en Pieter de Lange besturen de printers en geven uitleg. Ze studeren nog, maar hebben een bedrijfje (3Drop.nl) waar medestudenten maquettes en prototypes kunnen laten printen. “Dat gaat sneller dan met de hand en ziet er realistischer uit”, zegt Mischa. “En ondertussen kun je wat leukers gaan doen.”

Er komt een schoolklas langs. De meisjes blijven giechelend maar geïntrigeerd op een afstandje staan kijken, terwijl de jongens stoer op de apparaten af lopen en de geprinte producten oppakken. Wie weet wat deze technologie straks in hun leven gaat betekenen…

‘s Middags is het tijd voor de beginnersworkshop. Dat wordt mijn eerste poging tot 3D-printen. Wat zal daar uit gaan komen?

Ook de workshop wordt gerund door Mischa en Pieter. Ze beginnen met een inleiding over de technologie, én over Leapfrog, waar ze zelf ook bij betrokken zijn. Dit Nederlandse bedrijf verkocht in mei 2012 zijn eerste printer, maar heeft nu al een Amerikaanse vestiging geopend.

Gezien de beperkte tijd wordt ons deelnemers aangeraden om een bestaand ontwerp te kiezen voor ons printexperiment. Keus genoeg: op websites als Thingiverse.com en Grabcad.com is van alles te vinden. Deurknoppen, sleutelhangers, uitverkochte IKEA-onderdelen – je kunt het zo gek niet bedenken of iemand heeft er een STL-file van gemaakt en die online gezet voor andere gebruikers. En als je vindt dat het ontwerp beter kan, zet je je nieuwe versie er ook weer bij. “Alles draait tegenwoordig om delen”, zegt Pieter filosofisch.

Zelfs complete printers kun je ‘open source’ downloaden. Dat hebben medewerkers van de Library zelf ook gedaan. In de kantoren staan nu twee apparaten ijverig te draaien. Ze zijn samengesteld uit gelaserd plaatmateriaal en geprinte mechaniekjes. Voor een kostprijs van een euro of 450 per stuk hebben de ingenieurs van de Library nu hun eigen fabriekje.

Ik doe het voorlopig rustig aan. Na een paar minuten klikken op Thingiverse.com kies ik voor een dobbelsteen. Gezipt is het STL-bestand slechts 21 kB groot. Ik deel de printer met Beatriz, een PhD-student uit Spanje. Zij kiest eerst voor een panterkop, maar die blijkt te groot en dus te tijdrovend voor de workshop. OK, dan een sleutelhanger in de vorm van een vrouwensilhouet. Maar eerst gaan we het dobbelsteentje doen.

De spanning stijgt wanneer we onze printers mogen gaan laden met filament: de grondstof in draadvorm die straks in de printknop wordt verhit tot 220 graden. Ik breek het topje af en duw het harde filament in de opening. Die is gelukkig ruim genoeg.

Vervolgens buig ik het uitstekende deel met de hand min of meer recht, waarna Pieter met een mes het topje afsnijdt als ware het de steel van een roos. De stalen bouten van de printer blijken ook geschikt als miniatuur-snijplank.

In de Leapfrog-software voeren we de printersettings in: materiaal, vulpercentage, temperatuur, kwaliteit… De computer slaat aan het rekenen en meldt dan dat hij een model met welgeteld 1.460 driehoeken succesvol vertaald heeft in printcommando’s.

Het printen zal drie kwartier gaan duren. Te veel, oordeelt Mischa. Hij verkleint de dobbelsteen en nu is het een half uurtje.

De printer gaat ijverig aan de slag. Het bureau trilt. Na een minuut of zeven geeft de software aan dat de dobbelsteen voor 23% klaar is. Het profiel wordt goed zichtbaar. Het ziet er gaaf uit! Met elke nieuwe laag trekt de printkop een wijdere omtrek en zigzagt daarna snel matrixlijnen voor de vulling.

Ik ga kijken bij de buren. Daar is al een levensechte Ford-sleutelhanger klaar: tien cm lang. Mijn achterbuurman op zijn beurt heeft een stevige, gave doppenwipper geprint: om hem gebruiksklaar te maken moet er alleen nog een cent in een gleufje worden geschoven. Handig!

Mijn eigen dobbelsteen blijkt helaas minder geslaagd: de boven- en onderkant geven doorkijkjes op het holle binnenste. “Een fout van het ontwerp”, oordeelt Mischa. Dat valt in het printprogramma op te lossen door wat extra laagjes te laten leggen, maar daarvoor ontbreekt de tijd.

Een half uurtje later is de sleutelhanger van Beatriz klaar. Puntgaaf! Toch nog tevreden verlaat ik het toneel van mijn eerste printavontuur..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *